maandag 30 juli 2012

Chocolademuseum van Barcelona

In één van mijn vroegere artikelen over minder bekende musea in Barcelona had ik het reeds kort over het Museu de la Xocolata. Deze keer wil ik wat dieper ingaan op de geschiedenis van dit museum en wat je er precies kunt zien.

Chocolademuseum
Eigenaar van het Chocolademuseum is de Gremi de Pastisseria de Barcelona, de Gilde van Banketbakkers van de provincie Barcelona. Het museum is gevestigd in een gebouw van het voormalige klooster van Sant Agustí in El Born, een buurt in de wijk La Ribera in het oude stadscentrum. De deuren van het complex gingen open in het jaar 2000.

Sinds de 15de eeuw heeft chocolade altijd een bijzondere rol gespeeld in Barcelona. De haven van de stad was bijvoorbeeld gedurende lange tijd het vertrekpunt van dit product voor de verspreiding en handel doorheen Europa.

Het historische gebouw waar het Museu de la Xocolata is gelegen, had ook reeds een band met chocolade. In de 18de eeuw werden de broeders Augustijnen uit het klooster gezet en werd het complex door de troepen van Bourbon omgevormd tot kazerne. In het leger werd toen veel chocolade geconsumeerd. Volgens de voorschriften in die tijd stond chocolade zelfs verplicht op het menu van de soldaten. Ook de militairen die van wacht waren aten vaak chocolade.

De bedoeling van het Chocolademuseum is allerlei activiteiten te verzorgen in verband met de chocoladecultuur in het algemeen en de plaatselijke traditie van banketbakken en chocoladeverwerking in het bijzonder.

In het museum kun je de geschiedenis van de chocolade zien aan de hand van 7 etappes, vanaf het oorspronkelijke gebruik van chocolade in pikante drankjes door de Meso-Amerikaanse volkeren tot de verwerking ervan in bonbons sinds haar aankomst in Europa. Er wordt dieper ingegaan op haar faam, die tussen realiteit en mythe in ligt, vooral omwille van de geneeskundige en lustopwekkende eigenschappen en voedzame kwaliteiten die haar worden toegeschreven.

In de permanente tentoonstelling van het museum worden tevens diverse indrukwekkende chocoladefiguren gepresenteerd, waaronder een replica van de Pietà van Michelangelo van meer dan 30 jaar oud, een reproductie van het vierspan van Ben-Hur en een 30 kilo zware Floquet de Neu, de vroegere wereldberoemde albino gorilla uit de zoo van Barcelona.

Er worden eveneens regelmatig tijdelijke exposities georganiseerd zoals ter gelegenheid van de Internationale Wedstrijd voor Chocoladefiguren. Elk jaar vindt deze wedstrijd plaats rond een thema zoals het Jaar van Dalí of het jaar van Gaudí.

In de loop van haar bestaan organiseerde het Chocolademuseum al een brede waaier aan activiteiten voor jong en oud, waaronder workshops voor het maken van gebak, bonbons en chocoladefiguren en wijn- en cavadegustaties. Daarnaast werden er nog conferenties, boekpresentaties en theater-, poëzie- en muziekvoorstellingen gehouden.

Het Chocolademuseum van Barcelona ligt aan de Carrer Comerç nr 36 en is bereikbaar met metrolijnen L1 (halte Arc de Triomf) en L4 (halte Jaume I). De openingsuren zijn: van maandag tot en met zaterdag van 10 tot 19u en op zon- en feestdagen van 10 tot 15u. Meer informatie kun je nalezen op de website van het Museu de la Xocolata.

donderdag 26 juli 2012

Modernistische architect Rubió i Bellver

Joan Rubió i Bellver was een modernistische architect (1870-1952) uit Reus, vlakbij Barcelona. Hij was van 1893 tot 1905 een leerling en assistent van Antoni Gaudí die hij hielp bij de bouw van ondermeer de Sagrada Família, Casa Batlló, Parc Güell, Casa Calvet en de Torre Bellesguard.

Hij voerde ook een aantal werken uit aan het Palau de la Generalitat de Catalunya. De bekendste hiervan is de neogotische brug in de Carrer del Bisbe, het straatje tussen het plein voor de kathedraal en de Plaça de Sant Jaume, die werd aangelegd tussen 1923 en 1928. Twee van zijn andere belangrijke realisaties in Barcelona zijn het Casa Pomar en het Casa Golferichs.

Casa Pomar

Casa Pomar, voluit Casa Isabel Pomar, is een prachtig modernistisch huis aan de Carrer de Girona nr 86. Het werd opgericht tussen 1904 en 1906. Het is tegenwoordig privébezit en het kan binnenin helaas niet bezocht worden.

Ondanks de smalle gevel is Rubió i Bellver erin geslaagd om het huis te laten opvallen tussen de andere gebouwen. Hij plaatste een galerij aan de gevel van de eerste verdieping met aan de onderkant groene keramiek en smeedijzer, net als aan de balkons op de andere verdiepingen. Het huis doet ook wel denken aan een kerk. Casa Pomar is gelegen vlakbij de halte Girona van de gele metrolijn L4.

Casa Golferichs

Casa Golferichs werd door Rubió i Bellver gebouwd in 1901 in opdracht van Macari Golferichs, een handelaar in exotisch hout. Het huis staat aan de Gran Via nr 491. Na de Spaanse burgeroorlog (1936-39) werd het een godsdienstige school. In de jaren 60 wou een bouwpromotor het gebouw neerhalen en er appartementen in de plaats zetten maar dat plan stuitte op groot burenprotest.

In 1980 kocht de stad Barcelona het pand en in 1987 werd een ontwerpwedstrijd georganiseerd voor de renovatie van het huis. De laatste verbouwing dateert van 2004. Sinds vele jaren is er een actief buurthuis gevestigd van de wijk Eixample dat ook bezocht kan worden. Er vinden ondermeer tijdelijke tentoonstellingen plaats.

Het hoofdgebouw van Casa Golferichs is een combinatie van verschillende vormen en materialen (zichtbare baksteen, metselwerk en keramiek). De galerij boven de toegangsdeur bevat keramiek in diverse kleuren en geglazuurde baksteen. Casa Golferichs ligt vlakbij de halte Rocafort van de rode metrolijn L1.

maandag 23 juli 2012

Kerk en klooster van Les Saleses

Aan de Passeig de Sant Joan, tussen de Carrer de València en de Carrer d’Aragó staan de opvallende kerk en het klooster van Les Saleses. Het complex werd ontworpen door Joan Martorell i Montells voor nonnen van de orde van Sint Franciscus van Sales. De bouwwerken voor het klooster begonnen in 1877 en de kerk werd gebouwd tussen 1882 en 1885.

Les Saleses
In 1874 vestigde zich voor de eerste keer een congregatie van Sint Franciscus van Sales in Barcelona, met name in een gebouw in de wijk Gràcia. In 1876 kochten de nonnen van deze gemeenschap een terrein waar een jaar later de eerste steen gelegd zou worden van het toekomstige klooster van Les Saleses. In 1882 legde bisschop Urquinaona de eerste steen van de kerk. Deze werd ingewijd op 26 april 1885.

Het klooster van Les Saleses, uitgevoerd in natuur- en zichtbare baksteen, is geïnspireerd op de mudejar-stijl, een bouwstijl die christelijke en Moorse invloeden combineert. De kerk is één van de mooiste neogotische gebouwen in Barcelona met keramische plaveisels. Bijzonder is de hoge, spitse klokkentoren. Volgens sommigen werkte Antoni Gaudí mee aan sommige elementen van de bouw. Hij was in die periode een assistent van Joan Martorell. Bijvoorbeeld, het met vakken versierd plafond in het midden van de kerk zou een realisatie kunnen zijn van Gaudí.

Tijdens de Tragische Week in juli 1909 werden het klooster en de kerk van Les Saleses beschadigd. In de Tragische Week vonden een serie bloedige confrontaties plaats tussen het leger en de arbeiders van Barcelona en andere steden in Catalonië gesteund door anarchisten, socialisten en republikeinen. In juli 1936, tijdens de Spaanse burgeroorlog, werden de kerk en het klooster in brand gestoken.

In 1942 kochten de Broeders Maristen het complex en vormden het klooster om tot school. Tussen 1943 en 1960 werden belangrijke veranderingswerken uitgevoerd aan de kerk. Men verwijderde onder andere muren tussen de zijdelingse kapellen en plaatste een groter altaar.

In 1949 werd een nieuwe parochie gesticht, gewijd aan Franciscus van Sales, die verbonden werd aan de kerk van Les Saleses. Later werd aan het klooster, ondertussen omgevormd tot school, een extra verdieping toegevoegd en de tuin werd een schoolplein. In 1960 legde men er ook een zwembad en gymnastiekzaal aan. Vanaf 1967 werden de administratieve ruimtes, het muzieklokaal, de bibliotheek, de laboratoria en een polyvalente ruimte ingericht. Enkele jaren geleden, in 2010, werd trouwens de 125ste verjaardag van de inwijding van de kerk gevierd. Hiervan kan men nog een inscriptie vinden aan de toegangspoort.

De kerk en het voormalige klooster van Les Saleses liggen vlakbij metrostation Verdaguer, een halte van metrolijnen L4 (gele lijn) en L5 (blauwe lijn).

donderdag 19 juli 2012

Via Laietana

Een belangrijke verkeersader in Barcelona is de Via Laietana, een laan die de wijk Eixample verbindt met de haven, dwars door het oude stadscentrum. Oorspronkelijk werd de weg ontworpen door Ildefons Cerdà in 1859 naar aanleiding van zijn plannen voor de uitbreiding van de stad.

Via Laietana
Deze “Via A” moest de rechtstreekse verbinding vormen tussen het nieuwe stadsdeel Eixample en de haven. De aanleg van de laan verdween echter op de achtergrond en pas in 1899 werden de plannen ervoor opnieuw vanonder het stof gehaald voor het urbanisatieplan “Reform”. Dit plan voorzag in een herorganisatie van een deel van de stad dat nog bestond uit smalle, kronkelende, middeleeuwse straatjes.

In 1907 werd de financiering voor de aanleg van de Via Laietana geregeld en kort daarna werd het eerste gebouw opgetrokken, een kantoor van de Banco Hispano Colonial. De werken aan de boulevard zelf werden ingehuldigd op 10 maart 1908.

De aanleg van de laan gebeurde in drie fasen. In 1908 en 1909 was het deel aan de beurt tussen de haven en de Plaça de l’Àngel, onder leiding van de architect Lluís Domènech i Montaner. Van 1909 tot 1911 leidde Josep Puig i Cadafalch de constructie van het deel tussen de Plaça de l’Àngel en de Carrer de Sant Pere Més Baix. Tot slot, van 1911 tot 1913, werd het deel aangelegd tussen de Carrer de Sant Pere Més Baix en de Plaça d’Urquinaona onder leiding van de architect Ferran Romeu.

Voor het trekken van de Via Laietana moest er een ruimte vrijgemaakt worden van 80 meter breed en 900 meter lengte. Dit impliceerde de afbraak van 2.199 huizen en andere gebouwen. Zo een 10.000 personen werden getroffen door deze “reorganisatie”.

Ondanks protesten van vele buurtbewoners en kunstenaars gingen in de loop der jaren vele middeleeuwse paleizen verloren. Sommige gebouwen of delen ervan werden echter afgebroken en opnieuw opgebouwd op een andere plek. Dit is bijvoorbeeld het geval voor het Palau Clariana Padellàs uit de 15de-16de eeuw. Dit paleis werd in 1931 steen voor steen overgebracht naar de Plaça del Rei waar het nu onderdeel is van het Museu d’Història de la Ciutat de Barcelona.

Een positief gevolg van de werken aan de Via Laietana was het opnieuw zichtbaar maken van de oude Romeinse muren en de gotische gebouwen van aan de Plaça del Rei tot aan de kathedraal. Positief was ook de aanleg van de ondergrondse tunnels onder de laan, een initiatief van de stadsarchitect Pere Falqués zonder de steun van de politici, die later gebruikt werd voor de metro. Die werd in 1926 in gebruik genomen.

De nieuwe boulevard gaf Barcelona een nieuwe aanblik. De architectonische stijl van de school van Chicago oefende grote invloed uit op de aanleg van de nieuwe gebouwen, voornamelijk overheidsgebouwen en kantoren van logistieke en exportondernemingen. De stijl van de panden aan de Via Laietana is nauwelijks terug te vinden in andere delen van Barcelona en heeft meer gemeen met de architectonische stijl van het centrum van Madrid.

Tot slot wil ik nog vermelden dat de naam “Laietana” verwijst naar de Iberische bewoners van “Laie”, een Fenicisiche nederzetting uit de 3de eeuw vóór Christus die gelegen was op de plek waar later de Romeinen de kolonie Julia Flavia Augusta Pia Barcino stichtten, het toekomstige Barcelona en omgeving. Tijdens de Spaanse burgeroorlog (1936-39) werd de Via Laietana trouwens Via Durruti genoemd, naar de anarchist Buenaventura Durruti die omkwam aan het front.